Binnen spelen
twee muzikanten, de één gitaar en de ander harmonica. De volksliedjes zijn
prachtig en zorgen samen met het glas Guinness voor mijn neus voor de echte
Ierse sfeer. Guinness is pikzwart bier waarvan het schuim maar heel langzaam
verdwijnt. Dat houdt het bier ‘levend’, maar er blijft onderin een laagje
schuim over dat niet te drinken is. Als obers zo’n glas zien laten ze het staan.
Het lijkt alsof je het op moeten drinken. Na drie keer voorbijlopen geeft de
ober het op. Hij neemt het maar mee. Toeristen, moet hij denken.
| Temple Bar, overdag |
Buiten
blijft het regenen. Zo nu en dan staat er een groepje rokers onder het afdakje
van de pub. Lang houden ze het stilstaan nooit vol. Alhoewel het niet koud is
komen ze snel weer binnen of lopen verder. Achter me zie ik de klassieke en,
volgens mij, meest beroemde pub van Temple Bar. Een glimmend rood gebouw met
een zwarte gevel met in gele letters ‘The Temple Bar’. Door de regen glimt het
meer dan anders.
We praten
wat, spelen Pocket Soccer (een verslavend voetbalspelletje op de telefoon) of
zijn aan het kaarten. Morgen staat er weer een lange dag op het programma, om
kwart over twaalf houden we het voor gezien. Bruno’s heeft de hoop opgegeven en de deuren gesloten.
Het is inmiddels droog. De kasseien glinsteren op de
weg. Overal lopen groepjes lachende mensen. De sfeer is uitstekend. Geen enkel spoor
van agressie. Na een
kwartiertje komen we in ons hostel aan. Het bleef droog, maar het zou ieder
moment weer kunnen gaan regenen. Veel Ierser kun je het niet krijgen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten